Waarschijnlijk is ze met haar man en zijn leger (t 2de Batt: Orange Vriesland) naar Gertruideberg vertrokken. En later als weduwe of verlatene teruggekomen in Zwolle. En zich daarom weer weduwe Jan Christoffer Mook kon noemen
Bevestiging heb ik niet kunnen vinden.
https://preserve2.archieven.nl/mi-20/fo ... open=FA49B
HULP GEVRAAGD
-
ria jongman
- BerichtenCOLON 3907
- GeregistreerdCOLON 14 Okt 2021, 19:30
Re: HULP GEVRAAGD
Ik kan nergens vinden dat ze weer binnenkomt met attest.
Het is ook vreemd dat niet Lucas Veuge voogd wordt maar haar vader die uiteindelijk toch al behoorlijk op leeftijd is.
Je zou eerder denken aan een broer.
Ze wordt in 1777 genoemd als bewoner samen met 2 anderen en heet dan gewoon Catrina Draijers
Zwolle transport f121 dd.25-04-1781
Erschenen Janna Esmeijer weduwe van wijlen Engelbert van Kempen en bekende schuldig te zijn aan Hendrika Dijk een somma van 400 gl. tegen 3¼% rente, stellende daarvoor tot onderpand haar halfscheid in een huis en wehre voor de Camperpoort bij de Hoogstraat aan de afweg na de Musschenhage gelegen, bij haarzelf bewoond, alsmede haar halfscheid in een huis en hof in de Musschenhage bij Jan Pieters, Raijer Bruijnsen en Catrina Draijers bewoond, voors. huis van comparante ter ene en de hof van Albertus van Berkum ter andere zijde.
Actum coram Schepen Thuessink
Katriena Draiers
Datum:
20-03-1797
Tekst:
wonende voor de Kamperpoorte, wordt van de armen begraven op het kerkhof van het Buitengasthuis
Bron: Begraafboek RBSO nr.753, blz.22
Het is ook vreemd dat niet Lucas Veuge voogd wordt maar haar vader die uiteindelijk toch al behoorlijk op leeftijd is.
Je zou eerder denken aan een broer.
Ze wordt in 1777 genoemd als bewoner samen met 2 anderen en heet dan gewoon Catrina Draijers
Zwolle transport f121 dd.25-04-1781
Erschenen Janna Esmeijer weduwe van wijlen Engelbert van Kempen en bekende schuldig te zijn aan Hendrika Dijk een somma van 400 gl. tegen 3¼% rente, stellende daarvoor tot onderpand haar halfscheid in een huis en wehre voor de Camperpoort bij de Hoogstraat aan de afweg na de Musschenhage gelegen, bij haarzelf bewoond, alsmede haar halfscheid in een huis en hof in de Musschenhage bij Jan Pieters, Raijer Bruijnsen en Catrina Draijers bewoond, voors. huis van comparante ter ene en de hof van Albertus van Berkum ter andere zijde.
Actum coram Schepen Thuessink
Katriena Draiers
Datum:
20-03-1797
Tekst:
wonende voor de Kamperpoorte, wordt van de armen begraven op het kerkhof van het Buitengasthuis
Bron: Begraafboek RBSO nr.753, blz.22
