Re: Adam Spanhaak
GeplaatstCOLON 22 Jul 2026, 15:11
Het ziet ernaar uit dat Arentje de enige uit het gezin was die in Hattem bleef wonen. Van haar broers Arent (1663), Jan (1671) en Willem (1672) heb ik tot op dit moment niets kunnen vinden. Haar broer Louw trouwt in 1687 in Zwolle. Daarna vind ik niets meer over hem in de GI of andere databases. Haar zuster Maria is ook ergens anders dan in Hattem gaan wonen. In Amsterdam vond ik tenslotte Willemtjen/Willemijntie Warnars terug. Ze wordt gezegd ‘van Swol’ te zijn, wat doet vermoeden dat Zwolle een tussenstation was voor haar. Ook zij komt voor met de achternaam ‘van Dick’ of ‘van Dijk’. Hieronder volgen de gegevens die ik over haar en haar directe familie vond op de site van Stadsarchief Amsterdam. Ze blijkt in kringen van de VOC te verkeren. Haar eerste man was een scheepstimmerman, haar tweede man vertrok als soldaat voor de VOC naar Indië en haar twee zonen uit het eerste huwelijk vertrokken eveneens voor de VOC, maar dan als matrozen, naar de Oost.
Als er twee Arentjes Warners zouden moeten zijn, dan is het nu wel duidelijk wie de ene was, maar van de andere geen spoor, of het zou de doop uit 1696 moeten zijn. Ik twijfel toch.
Den 19 September 1704
Compareerden als voren Matijs Sieuwertsz Podt van A: scheepstimmerman wed.r Marritie Mighiels Dijl op Wittenburg & Willemina Warnars [doorgehaald: van Dijk] van Swol woont als voorn geass.t met haar vaders consent
Het 3de gebodt opgehouden den 4 october 1704
Hij WKamer voldaen den 4 october 1704
en gaat het 3de gebodt voort op den 5 october 1704
[tekenen] Tijs Siewertse Pot +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 537, blad p. 262 (Huwelijksintekeningen van de Kerk)
Idem Den 12 September 1704: Niet gekompareerdt
1706 3 November
Tijs O Tijs Siewerse Willemijntie Warners
dito G Jores Janse Sanneke Govers
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 109 (folio 55), NG Oosterkerk Amsterdam
1708 Novemb
Warnar O Tijs Siewerse Pot Willemijntie Warnerse van Dick
dito [11] G Jores Janse de Wit Susanna Govers Winthuisen
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 121 (folio 61), NG Oosterkerk Amsterdam
Ot den 7 feb 1716
Compareerden als vooren Jan Harmen Visser van Lage oud 28 jare op Cattenburg ouders doot geasst met sijn neef Frans Halmeijer & Willemijntje Warnarts van Swol wedue Mathijs Pot woont als voorn
Mans doot goet ingebragt
Sij weeskamer voldaan den 6 feb 1716
[tekenen] + +
Ondertrouwregister Amsterdam, archiefnr 5001, invnr 552, blad p. 164 (Huwelijksintekeningen van de Kerk)
Ao 1716 April
Den 12. Dito Antje
Gedooptvan do Bombse
O Harmen Visser Willemijna Warnar
G Frans Harmeijer Geertje Abrahams
DTB Dopen, archiefnr 5001, invnr 89, blad p. 184 (folio 92v), NG Oosterkerk Amsterdam
Ao 1718 Januarij
Den 9 dito gedoopt van do Zegers
Jacob O Harman Visser Willemijntie Warrenar
G Frans Hendr Giertie Abrams
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 198 (folio 99v), NG Oosterkerk Amsterdam
Ao 1720 Den 31 Maart gedoopt van do Thierens
Margritje O Harmen Viser Willemijntje Warnars
G Frans Hendricks Giertje Abrams
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 217 (folio 109), NG Oosterkerk Amsterdam
Do 14e Decb. 1731. Compareerde voor mij Johannes van Vilekens openbaar notaris ter presentie van de nagenoemde getuigen, d’Eersame Willem Hoefman, ende Eerbare Catharina Sadelaer wed.e van Mathijs Plasman, beide van genoege ouderdom, wonende binnen deze stad, en hebben ten verzoeke van de Eerbare Willemijntje Warnars huisvrouw van Harmen Visser van der Laagt, mede wonende alhier, met presentatie van eede, voor de oprechte waarheid getuigt
At zij getuigen zeer wel en lange jaren gekend hebben de requirante in deze als mede haar voornoemde man Harmen Visser van der Laagh, die in 1725 met het schip de Susanna in dienst van de VOC kamer Amsterdam in kwaliteit als soldaat naar OostIndien is gevaren, zo verklaren zij getuigen verder dat de requirante een ordentelijke vrouw is hebbende bij haar voornoemde man twee kinderen die nog in levende lijve zjin, met name Anna oud omtrent 15 jaar, en Jacob oud omtrent 12 jaar, nog verklaren zij getuigen dat de requirante zeer arm en niet in staat is om met eere voor haar en haar onnozele kinderen de kost te kunnen winnen.
Gevende zij getuigen voor redenen van wetenschap, dat zij de requirante als mede haar voorsz. Man lange jaren hebben gekend en dagelijks voor verkering en ommegang met de requirante komen te houden en voorts als in de tekst breder staat vermeld. Ter goeder trouwen gedaan in Amsterdam ter presentie van Johannes van den Bosch en Coenraet Jurriaens als getuigen.
Willem Hoefman
Dit merk + is gesteld bij Catharina Sadelaer
Johannes van den Bosch
Coenraed Jurijans
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7561, aktenr 606643
Harmen Vischer, herkomst van den Laeg, niet vermaakt, in dienst getreden als soldaat 30 september 1725 en uitgevaren met het schip Susanna voor de kamer Amsterdam, uit dienst Gaasperdam, gerepatrieerd 1733 (betaald 22 juli 1733 f 115:14:1 aan Harmen Visscher, tekent met merk)
Schuld aan Willemeijntje Warnar f 150 verkt
Nota: Willemijn Warnar, sijn vrouw, woont op Wittenburgh in de grote straat, in d’Oranjeboom, segt het Transport verloren te hebben ) geroy.t
den 18 December 1731 p.ordre van de Heer A. Abeleven, aan Willemijntie Warnarss zijn vrouw verleend een maandceel van drie maanden , als p: liasse 1646 N.o 90 ) op ’t Boekje gebragt
Nationaal Archief, toegang 1.04.02, archief VOC, invnr 5842, folionr 123
Gelders archief, Hattem, Toegang 0176, invnr 852.2 pagina 123 Scan 59/83
1717 Maij 1
Willem Hoefman, J.M. van Hattem
met
Anna Lenten J.D. van ’t Hogeveen
Confirmati 6 Junij
Sara, vader Willem Hoefman, moeder Anna Lente, getuigen Gerrit ten Hoven, Sara van Broekhuijsen, gedoopt NG Amsterdam Oude Kerk 3 nov 1719
Roelof, vader Willem Hoefman, moeder Anna Lenten, getuigen Gerrit ten Hooven, Jannetje Lenten, gedoopt NG Amsterdam Noorderkerk 4 jan 1721
den 27 Julij 1725
Compareerden als vooren Mathijs Plasman van Oosterbeeck wed. Maria Oevemeijer op den Amstel & Catrijn Caspers van Swol wedue Claas Eliasse vander Baaden opde Weesperstraat
Mans doot goet ingebragt
Hij weeskamer voldaan den 2 aug: 1725
Sij weeskamer voldaan den 4 aug: 1725
[tekenen] X +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 564, blad p. 85
den 11 Maart Ao 1712
Compareerden als vooren Claas Eliasse van der Baden van Swol varentman oud 24 jaar inde Hoogstraat ouders doot geass met sijn neef Jan Pieters & Catrijn Caspers van Swol oud 27 jare woont als voorn ouders doot geasst met Geertruij Jans
[tekenen] Klaas Elias van der Baate +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 548, blad p. 81
D’15 Aug: 1735 Comparerden voor mij Johannes van Vilekens, openbaar notaris tot Amsterdam residerende, Hendrik De Wolff van Amsterdam en Samuel Bosch van s Gravenhage, beide van genoege ouderdom, tegenwoordig present hier ter stede, en hebben ten verzoeke van Willemijnje Warnars van Diek, eertijds wed.e van Thijs Siewertsz. Pot en nu laatst wed.e van Harmen Visser, alsmede ten behoeve van Thijs Pot, meerderjarige jongman, wonende binnen deze stad, met presentatie van eede, voor de oprechte waarheid getuigd en verklaard
Dat zij depozanten wel kennende de requiranten in deze alsmede gekend hebben Warnar Pot van Amsterdam, zijnde de eerste requirantes zoon en laatste requirant zijn volle broeder, dat zij depozanten met de gemelde Warnar Pot in dienst van de VOC met het schip Meermont voor de kamer Amsterdam deze jare in kwaliteit als matrozen zijn gerepatrieert en in Texel afgedankt, dat zij getuigen verder met de voorn. Warnar Pot in de lichter zijn gegaan ten einde om na Amsterdam te varen, verder verklaren zij getuigen te hebben gezien dat meergen. Warnar Pot van Amsterdam tussen Medenblik en Enckhuijsen aan bakboordzijde buitenboord is gevallen en hebben zij getuigen dezelve zien verdrinken, niettegenstaande wel devoiren zijn aangewent om hem te redderen, laatstelijk verklaren zij depozanten nog dat de gem. Warnar Pot op zijn overlijden nog jongman en ongetrouwd is geweest en dat hij op zijn overlijden geen vader nog te ook geen andere broeders of zusters,hetzij hele of halve ofte den zelven descendenten van vaderszijde heeft nagelaten als alleen de eerste requirante zijn moeder en laatste requirante zijn volle broeder, en bij gevolge de naaste erfgenamen ab intestato.
Gevende zij depozanten voor redenen van wetenschap, dat zij met de requirantne en de overleden Warnar Pot van Amsterdam verkering en ommegang hebben gehouden en voorts als in de tekst vermeldt. Ter presentie van Johannes Abraens en Johannes Wolpshoff als getuigen.
Hendrik de Wolf
Samuel Bosch
Johannes Abraens
Joh. Wolpshoff
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7566, aktenr 572221
Warnar Pot, herkomst van Amsterdam, niet vermaakt, in dienst getreden als matroos 6 december 1728 en uitgevaren met het schip Karsenhof voor de kamer Amsterdam, gerepatrieerd 1733 met de Ketel voor de kamer Rotterdam (betaald aan hem op 28 juli 1733 f 90:15:6 en tekent met een merk)
Schuld aan Willem: Warnars f 150,-
Nationaal Archief, toegang 1.04.02 invnr 5896, folionr 107
Warnar Pot, herkomst van Amsterdam, niet vermaakt, in dienst getreden als matroos op 22 januari 1734 en uitgevaren met het schip Stadwijk voor de kamer Amsterdam, gerepatrieerd met de Meermond 1735
Schuld aan Willemijntie Warner f 100,-
Nota: de schuld is van f 150 volgens de monsterrol 56 fo 654
1737 4 Janry f 26:7:4, Op dato per ordre van d’H.en schepen Graafland betaald aan Willemijntje Warnarts van Dick eertijts wed.e van Tijs Sieuwertse Pot en nu laast weduwe van Harmen Visser, sijn moeder; en aan Tijs Pot sijn broeder, tesamen sijn Erfgenamen abintestato: …
’t merk x Willemijntje Warnarts van Dick
’t merk x Tijs Pot
Nationaal Archief, toegang 1.04.02, invnr 5984, folionr 120
DAS, reis 6928.2 van Meermond (Ceylon naar Texel), vertrokken Ceylon 18 december 1734, aankomst op Texel 6 juli 1735 Zie https://resources.huygens.knaw.nl/das/d ... yage/97759
Harmen Visser, herkomstig van der Lippen, niet vermaakt, in dienst getreden als soldaat 19 november 1734, uitgevaren met het schip Spiering voor de kamer Amsterdam, overleden op Macassar 30 juni 1736
1738 15 Janry f 54:12:6, Op dato per ordre van d’H:en scheepen Bots van Waveren betaalt aan Willemijntje Warnars, sijn wed.e voor haar selve en nogh als geauthoriseert door Heeren Weesmeesteren deeser stad, voor Jacob en voor Anna Visser, sijn minderjarige kinderen, en eenige Erfgen.en abintestato: onder borgtogt van Johannes Ottema, gegagieert sjouwer van d’Admiraliteyt, woont op Wittenburgh, boven de gekroonde schoen; en Frans Hellemeijer, koorndrager, woont mede op Wittenburgh inde kelder, onder ’t klaverblad…T’oirconde geteekent
’t Merk van + Willemijntje Warnars
IJohannijs Ottema
’t Merk van + Frans Hellemeijer
D’18e Julij 1738 Compareerden voor mij Johannes van Vilekens, openbaar notaris geadmitteert tot Amsterdam residerende, ter presentie van de nagenoemde getuigen, de’Eerbare Willemijntje Warnars wed. Harmen Visser, wonende binnen deze stadt, ende Eersame Matthijs Hendriksz wonende buiten de Weseperpoort, te kennen gevende dat de eerste comparante enige jaren geleden tot last van de tweede comprant voor dÉd heeren commissarissen van kleine zaken binnen deze stad, heeft geobtineert een vonnis ter somme van 339 gulden waarop zij eerste comparant proces ook heeft ter executie gebracht, doch uit christelijke mededogenheid zo is sij eerste comparant te vrede en verklaart voor en tot voldoening van gemelde 339 gulden genoegen en contantement te nemen met de somme van 125 gulden, welke somme door de tweede comparant aan de eerste comparant zal moeten worden betaald, namelijk op het tekenen dezes de somme van 25 gulden die de eerste comparant bekend ook ontvangen te hebben, wijders in de maand december van dit jaar 1738 25 gulden in de maand mei 1739 weer 25 guldens en maand augustus 1739 weer 25 gulden en laatst 25 gulden te betalen in de maand december 1739, en als de tweede comparant in gebreke blijft zo zal deze akte van nul en geender waarde alsof ze nooit gepasseerd is geweest en moet hij de gehele somme van 339 gulden betalen. Ter presentie van getuigen Anthonij Reets en Martinus Robertus van de Sande. Merk gesteld + bij Willemijntje Warnars
Mattijs Hendrix
J. reets
M.R. van de Sande
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7571A, aktenr 679873 (Kwitantie)
Als er twee Arentjes Warners zouden moeten zijn, dan is het nu wel duidelijk wie de ene was, maar van de andere geen spoor, of het zou de doop uit 1696 moeten zijn. Ik twijfel toch.
Den 19 September 1704
Compareerden als voren Matijs Sieuwertsz Podt van A: scheepstimmerman wed.r Marritie Mighiels Dijl op Wittenburg & Willemina Warnars [doorgehaald: van Dijk] van Swol woont als voorn geass.t met haar vaders consent
Het 3de gebodt opgehouden den 4 october 1704
Hij WKamer voldaen den 4 october 1704
en gaat het 3de gebodt voort op den 5 october 1704
[tekenen] Tijs Siewertse Pot +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 537, blad p. 262 (Huwelijksintekeningen van de Kerk)
Idem Den 12 September 1704: Niet gekompareerdt
1706 3 November
Tijs O Tijs Siewerse Willemijntie Warners
dito G Jores Janse Sanneke Govers
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 109 (folio 55), NG Oosterkerk Amsterdam
1708 Novemb
Warnar O Tijs Siewerse Pot Willemijntie Warnerse van Dick
dito [11] G Jores Janse de Wit Susanna Govers Winthuisen
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 121 (folio 61), NG Oosterkerk Amsterdam
Ot den 7 feb 1716
Compareerden als vooren Jan Harmen Visser van Lage oud 28 jare op Cattenburg ouders doot geasst met sijn neef Frans Halmeijer & Willemijntje Warnarts van Swol wedue Mathijs Pot woont als voorn
Mans doot goet ingebragt
Sij weeskamer voldaan den 6 feb 1716
[tekenen] + +
Ondertrouwregister Amsterdam, archiefnr 5001, invnr 552, blad p. 164 (Huwelijksintekeningen van de Kerk)
Ao 1716 April
Den 12. Dito Antje
Gedooptvan do Bombse
O Harmen Visser Willemijna Warnar
G Frans Harmeijer Geertje Abrahams
DTB Dopen, archiefnr 5001, invnr 89, blad p. 184 (folio 92v), NG Oosterkerk Amsterdam
Ao 1718 Januarij
Den 9 dito gedoopt van do Zegers
Jacob O Harman Visser Willemijntie Warrenar
G Frans Hendr Giertie Abrams
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 198 (folio 99v), NG Oosterkerk Amsterdam
Ao 1720 Den 31 Maart gedoopt van do Thierens
Margritje O Harmen Viser Willemijntje Warnars
G Frans Hendricks Giertje Abrams
DTB Dopen, archiefnummer 5001, invnr 89, blad p. 217 (folio 109), NG Oosterkerk Amsterdam
Do 14e Decb. 1731. Compareerde voor mij Johannes van Vilekens openbaar notaris ter presentie van de nagenoemde getuigen, d’Eersame Willem Hoefman, ende Eerbare Catharina Sadelaer wed.e van Mathijs Plasman, beide van genoege ouderdom, wonende binnen deze stad, en hebben ten verzoeke van de Eerbare Willemijntje Warnars huisvrouw van Harmen Visser van der Laagt, mede wonende alhier, met presentatie van eede, voor de oprechte waarheid getuigt
At zij getuigen zeer wel en lange jaren gekend hebben de requirante in deze als mede haar voornoemde man Harmen Visser van der Laagh, die in 1725 met het schip de Susanna in dienst van de VOC kamer Amsterdam in kwaliteit als soldaat naar OostIndien is gevaren, zo verklaren zij getuigen verder dat de requirante een ordentelijke vrouw is hebbende bij haar voornoemde man twee kinderen die nog in levende lijve zjin, met name Anna oud omtrent 15 jaar, en Jacob oud omtrent 12 jaar, nog verklaren zij getuigen dat de requirante zeer arm en niet in staat is om met eere voor haar en haar onnozele kinderen de kost te kunnen winnen.
Gevende zij getuigen voor redenen van wetenschap, dat zij de requirante als mede haar voorsz. Man lange jaren hebben gekend en dagelijks voor verkering en ommegang met de requirante komen te houden en voorts als in de tekst breder staat vermeld. Ter goeder trouwen gedaan in Amsterdam ter presentie van Johannes van den Bosch en Coenraet Jurriaens als getuigen.
Willem Hoefman
Dit merk + is gesteld bij Catharina Sadelaer
Johannes van den Bosch
Coenraed Jurijans
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7561, aktenr 606643
Harmen Vischer, herkomst van den Laeg, niet vermaakt, in dienst getreden als soldaat 30 september 1725 en uitgevaren met het schip Susanna voor de kamer Amsterdam, uit dienst Gaasperdam, gerepatrieerd 1733 (betaald 22 juli 1733 f 115:14:1 aan Harmen Visscher, tekent met merk)
Schuld aan Willemeijntje Warnar f 150 verkt
Nota: Willemijn Warnar, sijn vrouw, woont op Wittenburgh in de grote straat, in d’Oranjeboom, segt het Transport verloren te hebben ) geroy.t
den 18 December 1731 p.ordre van de Heer A. Abeleven, aan Willemijntie Warnarss zijn vrouw verleend een maandceel van drie maanden , als p: liasse 1646 N.o 90 ) op ’t Boekje gebragt
Nationaal Archief, toegang 1.04.02, archief VOC, invnr 5842, folionr 123
Gelders archief, Hattem, Toegang 0176, invnr 852.2 pagina 123 Scan 59/83
1717 Maij 1
Willem Hoefman, J.M. van Hattem
met
Anna Lenten J.D. van ’t Hogeveen
Confirmati 6 Junij
Sara, vader Willem Hoefman, moeder Anna Lente, getuigen Gerrit ten Hoven, Sara van Broekhuijsen, gedoopt NG Amsterdam Oude Kerk 3 nov 1719
Roelof, vader Willem Hoefman, moeder Anna Lenten, getuigen Gerrit ten Hooven, Jannetje Lenten, gedoopt NG Amsterdam Noorderkerk 4 jan 1721
den 27 Julij 1725
Compareerden als vooren Mathijs Plasman van Oosterbeeck wed. Maria Oevemeijer op den Amstel & Catrijn Caspers van Swol wedue Claas Eliasse vander Baaden opde Weesperstraat
Mans doot goet ingebragt
Hij weeskamer voldaan den 2 aug: 1725
Sij weeskamer voldaan den 4 aug: 1725
[tekenen] X +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 564, blad p. 85
den 11 Maart Ao 1712
Compareerden als vooren Claas Eliasse van der Baden van Swol varentman oud 24 jaar inde Hoogstraat ouders doot geass met sijn neef Jan Pieters & Catrijn Caspers van Swol oud 27 jare woont als voorn ouders doot geasst met Geertruij Jans
[tekenen] Klaas Elias van der Baate +
Ondertrouwregister, archiefnr 5001, invnr 548, blad p. 81
D’15 Aug: 1735 Comparerden voor mij Johannes van Vilekens, openbaar notaris tot Amsterdam residerende, Hendrik De Wolff van Amsterdam en Samuel Bosch van s Gravenhage, beide van genoege ouderdom, tegenwoordig present hier ter stede, en hebben ten verzoeke van Willemijnje Warnars van Diek, eertijds wed.e van Thijs Siewertsz. Pot en nu laatst wed.e van Harmen Visser, alsmede ten behoeve van Thijs Pot, meerderjarige jongman, wonende binnen deze stad, met presentatie van eede, voor de oprechte waarheid getuigd en verklaard
Dat zij depozanten wel kennende de requiranten in deze alsmede gekend hebben Warnar Pot van Amsterdam, zijnde de eerste requirantes zoon en laatste requirant zijn volle broeder, dat zij depozanten met de gemelde Warnar Pot in dienst van de VOC met het schip Meermont voor de kamer Amsterdam deze jare in kwaliteit als matrozen zijn gerepatrieert en in Texel afgedankt, dat zij getuigen verder met de voorn. Warnar Pot in de lichter zijn gegaan ten einde om na Amsterdam te varen, verder verklaren zij getuigen te hebben gezien dat meergen. Warnar Pot van Amsterdam tussen Medenblik en Enckhuijsen aan bakboordzijde buitenboord is gevallen en hebben zij getuigen dezelve zien verdrinken, niettegenstaande wel devoiren zijn aangewent om hem te redderen, laatstelijk verklaren zij depozanten nog dat de gem. Warnar Pot op zijn overlijden nog jongman en ongetrouwd is geweest en dat hij op zijn overlijden geen vader nog te ook geen andere broeders of zusters,hetzij hele of halve ofte den zelven descendenten van vaderszijde heeft nagelaten als alleen de eerste requirante zijn moeder en laatste requirante zijn volle broeder, en bij gevolge de naaste erfgenamen ab intestato.
Gevende zij depozanten voor redenen van wetenschap, dat zij met de requirantne en de overleden Warnar Pot van Amsterdam verkering en ommegang hebben gehouden en voorts als in de tekst vermeldt. Ter presentie van Johannes Abraens en Johannes Wolpshoff als getuigen.
Hendrik de Wolf
Samuel Bosch
Johannes Abraens
Joh. Wolpshoff
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7566, aktenr 572221
Warnar Pot, herkomst van Amsterdam, niet vermaakt, in dienst getreden als matroos 6 december 1728 en uitgevaren met het schip Karsenhof voor de kamer Amsterdam, gerepatrieerd 1733 met de Ketel voor de kamer Rotterdam (betaald aan hem op 28 juli 1733 f 90:15:6 en tekent met een merk)
Schuld aan Willem: Warnars f 150,-
Nationaal Archief, toegang 1.04.02 invnr 5896, folionr 107
Warnar Pot, herkomst van Amsterdam, niet vermaakt, in dienst getreden als matroos op 22 januari 1734 en uitgevaren met het schip Stadwijk voor de kamer Amsterdam, gerepatrieerd met de Meermond 1735
Schuld aan Willemijntie Warner f 100,-
Nota: de schuld is van f 150 volgens de monsterrol 56 fo 654
1737 4 Janry f 26:7:4, Op dato per ordre van d’H.en schepen Graafland betaald aan Willemijntje Warnarts van Dick eertijts wed.e van Tijs Sieuwertse Pot en nu laast weduwe van Harmen Visser, sijn moeder; en aan Tijs Pot sijn broeder, tesamen sijn Erfgenamen abintestato: …
’t merk x Willemijntje Warnarts van Dick
’t merk x Tijs Pot
Nationaal Archief, toegang 1.04.02, invnr 5984, folionr 120
DAS, reis 6928.2 van Meermond (Ceylon naar Texel), vertrokken Ceylon 18 december 1734, aankomst op Texel 6 juli 1735 Zie https://resources.huygens.knaw.nl/das/d ... yage/97759
Harmen Visser, herkomstig van der Lippen, niet vermaakt, in dienst getreden als soldaat 19 november 1734, uitgevaren met het schip Spiering voor de kamer Amsterdam, overleden op Macassar 30 juni 1736
1738 15 Janry f 54:12:6, Op dato per ordre van d’H:en scheepen Bots van Waveren betaalt aan Willemijntje Warnars, sijn wed.e voor haar selve en nogh als geauthoriseert door Heeren Weesmeesteren deeser stad, voor Jacob en voor Anna Visser, sijn minderjarige kinderen, en eenige Erfgen.en abintestato: onder borgtogt van Johannes Ottema, gegagieert sjouwer van d’Admiraliteyt, woont op Wittenburgh, boven de gekroonde schoen; en Frans Hellemeijer, koorndrager, woont mede op Wittenburgh inde kelder, onder ’t klaverblad…T’oirconde geteekent
’t Merk van + Willemijntje Warnars
IJohannijs Ottema
’t Merk van + Frans Hellemeijer
D’18e Julij 1738 Compareerden voor mij Johannes van Vilekens, openbaar notaris geadmitteert tot Amsterdam residerende, ter presentie van de nagenoemde getuigen, de’Eerbare Willemijntje Warnars wed. Harmen Visser, wonende binnen deze stadt, ende Eersame Matthijs Hendriksz wonende buiten de Weseperpoort, te kennen gevende dat de eerste comparante enige jaren geleden tot last van de tweede comprant voor dÉd heeren commissarissen van kleine zaken binnen deze stad, heeft geobtineert een vonnis ter somme van 339 gulden waarop zij eerste comparant proces ook heeft ter executie gebracht, doch uit christelijke mededogenheid zo is sij eerste comparant te vrede en verklaart voor en tot voldoening van gemelde 339 gulden genoegen en contantement te nemen met de somme van 125 gulden, welke somme door de tweede comparant aan de eerste comparant zal moeten worden betaald, namelijk op het tekenen dezes de somme van 25 gulden die de eerste comparant bekend ook ontvangen te hebben, wijders in de maand december van dit jaar 1738 25 gulden in de maand mei 1739 weer 25 guldens en maand augustus 1739 weer 25 gulden en laatst 25 gulden te betalen in de maand december 1739, en als de tweede comparant in gebreke blijft zo zal deze akte van nul en geender waarde alsof ze nooit gepasseerd is geweest en moet hij de gehele somme van 339 gulden betalen. Ter presentie van getuigen Anthonij Reets en Martinus Robertus van de Sande. Merk gesteld + bij Willemijntje Warnars
Mattijs Hendrix
J. reets
M.R. van de Sande
Notariële archieven, archiefnr 5075, invnr 7571A, aktenr 679873 (Kwitantie)